Voor wie bezig is met klimaatopwarming, is het begrip catastrofe ongetwijfeld welbekend. Het afwenden van dat angstaanjagende doemscenario. Er zijn vrolijkere activiteiten. En toch mogen we die catastrofe niet uit de weg gaan. We moeten hem recht in de ogen kijken.

Frank Vanaerschot 
Frank Vanaerschot, campaigner bij vzw Fairfin

Stel je voor dat je je in het midden van de klimaatcatastrofe bevindt, zoals een rampenfilm zonder happy end. En dan zeg je tegen jezelf: “hadden we maar dit gedaan of daar meer aandacht aan besteed! Dan was het nooit zover gekomen.” Je moet de catastrofe als lot aanvaarden om te beseffen dat we ons lot in eigen handen hebben.

Die denkoefening is afkomstig van Jean-Pierre Dupuy. Als ik ze zelf maak, denk ik niet alleen aan de dominantie van oliemultinationals, maar ook aan die van grootbanken en financiële markten.

“Stel dat je een kolonie op mars wilt oprichten die zoveel mogelijk op het korte termijn perspectief gebaseerd is. Dan neem je best een bank als blauwdruk. Op elk niveau wordt je aangemoedigd om je eigen belang na te streven. Maar het zit dieper. De regels zelf schieten te kort.” Dat is wat Joris Luyendijk tijdens een parlementaire hoorzitting in het VK in 2012 antwoordde op de vraag hoe hij de cultuur in de financiële sector zou omschrijven.

Die kolonie bevindt zich niet alleen op onze planeet. Door wat men 'financialisering' noemt, zijn financiële markten en hun korte termijn winstlogica tot diep in onze maatschappij doorgedrongen. Volgens Costas Lapavitsas is financialisering de fundamentale transformatie van het kapitalisme gedurende de laatste decennia. Grote bedrijven financieren zich steeds meer via financiële markten en maken een aanzienlijk deel van hun winst met financiële operaties. Banken houden zich minder bezig met het geven van leningen en meer met het verhandelen van financiële producten in die financiële markten. Maar ook gezinnen zijn steeds meer afhankelijk van de diensten van financiële markten.  De oprukkende financialisering wordt gestuwd door banken, hefboom -, pensioen – en andere fondsen die steeds op zoek zijn naar nieuwe investeringsopportuniteiten. Naar het creëren van nieuwe markten. Een van de gevolgen hiervan is dat we alles als een 'investering' gaan zien. 

Dit is ook met CO2 gebeurd. Met als opzet de uitstoot te verminderen krijgen bedrijven een bepaalde hoeveelheid emissierechten. Aangezien deze emissierechten verhandeld kunnen worden, is er een markt voor ontstaan. Wat die markt vooral doet is winstopportuniteiten creëren voor vervuilende bedrijven en financiële instellingen die actief zijn in deze markt. Wat die markt niet doet is uitstoot van CO2 terugdringen. Hierover deed kandidaat Europese commissaris energie en klimaat Cañete tijdens zijn verhoor in het Europees parlement enkele opvallende uitspraken. Voor alle duidelijkheid: deze man is gepokt en gemazeld in de olie-industrie. Hij verklaarde erg veel belang te hechten aan het creëren van een wereldwijde CO2 markt en acht het nodig om bedrijven gratis emissierechten te blijven geven.

De CO2 markt maakt het grotere probleem met financialisering duidelijk. Het proces verandert het doel van een maatregel. De opzet van emissierechten heette uitstoot verlagen te zijn, maar verwerd al snel tot een winstbron voor bedrijven die ondertussen lustig verder bliiven vervuilen. Doordat financiële markten dominant zijn, bepalen ze ook het scala van 'mogelijkheden' voor het aanpakken van maatschappelijke kwesties. Elke overwogen maatregel wordt geconfronteerd met de vraag: 'Hoe gaan de markten reageren?'. De democratie wordt uitgehold en sociale rechten opgeofferd om financiële markten tevreden te houden, maar ook de aanpak van klimaatopwarming lijkt zich te moeten onderwerpen aan het oordeel van de geldgoden.

We zitten namelijk in een koolstofbubbel. Als we de opwarming van de aarde tot 2 graden willen beperken (en 2 graden is geen rooskleurig scenario, maar een bijna onaanvaardbare bovengrens), moeten we 80% van de gekende reserves aan steenkool en olie in de grond laten zitten. Het probleem is dat de aandelenkoersen van steenkool - en oliebedrijven ervan uitgaan dat die reserves in de atmosfeer geblazen zullen worden, zoals nu het geval is. Die reserves onder de grond houden, zal die aandelen dus een pak minder waard maken. En doordat  de samenleving meer dan ooit verbonden is aan de grillen van de financiële markten, staat CO2 niet verbranden voor financiële instabiliteit.

Door de gefinancialiseerde economie zijn we allemaal steeds afhankelijker van het lot van de financiële markten, die op hun beurt in de weg staan van het aanpakken van die klimaatopwarming op een menselijke manier. Maar tenzij we ECHT geloven dat financiële markten goden zijn is dat geen onoverkomelijk probleem. Het vereist wel dat we de positie van die financiële markten in onze maatschappij in vraag stellen. En als we rond ons heen kijken, zullen we zien dat een groeiend deel van de samenleving lijdt onder het juk van die financiële markten. Zo staan de gedupeerden van de besparingspolitiek niet enkel tegenover de regering, maar botsen ze ook op de agenda van financiële markten. Financialisering rukt op, maar ze levert ons ook steeds nieuwe potentiële partners op. Dat zijn geen vanzelfsprekende partners. Opdat de vele gedupeerden aan het zelfde zeel kunnen gaan trekken, moeten we er ons van bewust worden dat het inderdaad die financiële markten zijn die onze toekomst onmogelijk maken. Laten we met dit verhaal naar die andere groepen op zoek gaan, hen omarmen, hen steunen en de financiële markten overspoelen, voor we zelf overspoeld worden.

Auteur: Frank Vanaerschot, campainer bij vzw Fairfin en spreker op het Transitiefestival in de sessie 'De financiële wereld doorgelicht', met Joris Luyendijk.