De boodschap van Voka voor de regeringsonderhandelaars was duidelijk: “besparen om te investeren” dat is de opdracht! Zet het mes in onderwijs en welzijn en snoei in die inefficiënte overheid... Geef dat geld aan de bedrijven… En dan moeten we maar hopen dat de bedrijven dat geld ook investeren in de Vlaamse economie en het niet gebruiken om hun buitenlandse vestigingen uit te bouwen of het niet uitkeren aan hun aandeelhouders.

Dan hebben wij het meer voor investeren om te besparen. En dan bedoelen we: besparen op onze energiefactuur door te investeren in sociale en andere woningen, schoolgebouwen, publieke gebouwen, openbaar vervoer en warmtenetten.

Energiebesparingspotentieel is groot

Uit een studie van Mc Kinsey van enkele jaren geleden weten we dat er in België nog veel mogelijkheden zijn om energie te besparen op een kosteneffectieve manier (zie figuur). Die mogelijkheden zitten vooral in, u raad het al, gebouwen. Maar er is ook nog energiebesparingspotentieel in de sector mobiliteit en in mindere mate bij de industrie. 

DeWereldMorgen.be

De renovatie van gebouwen is een topprioriteit. Er valt 5 tot 6 keer meer te besparen via renovatie van bestaande gebouwen dan via nieuwbouw. Bovendien ligt het investeringsbedrag per uitgespaard vat olie 3 tot 10 keer lager dan bij investeringen in nieuwbouw. Vooral (dak)isolatie scoort goed, maar ook energiezuinige verlichting, verwarming en koeling.

De behoefte is groot. 62% van de private huurwoningen dateren van vóór 1960. Drie kwart van onze scholen is niet energiezuinig. 37% van de schoolgebouwen heeft nog enkele beglazing. Maar energiekosten slorpen 14% op van de werkingsmiddelen van scholen.

40% van de sociale woningen voldoet niet aan de norm die de Vlaamse overheid wil bereiken tegen 2020. Om dat doel te halen moet het renovatiebudget voor de sociale woningbouw omhoog met 40 mio euro per jaar.

Wat krijgen we in ruil voor die investeringen?

Dit soort van investeringen vermindert de factuur voor de import van fossiele energie fors. Dat is belangrijk, als je weet dat de EU in 2012 ongeveer 3,1% van het BBP betaalde voor de invoer van olie en gas. Door te investeren in energiebesparing zetten we die import om in werkgelegenheid hier.

En we maken werk van ons klimaatbeleid. Volgens de Europese afspraken moeten we de uitstoot van broeikasgassen (vooral CO2) tegen het jaar 2050 verminderen met 80% à 95% in vergelijking met 1990. Dat betekent dat de emissies elk jaar met 4% moeten dalen. Maar in de periode 1990-2010 daalden de emissies in Vlaanderen met amper 0,12%.

Ook op sociaal vlak valt er veel winst te boeken als we investeren in de woningen van huishoudens met een laag inkomen. Zij wonen dikwijls in de slechtste huizen waar het meest energie te besparen valt. En ze hebben het meest baat bij een daling van hun energiefactuur. Die neemt een veel grote hap weg uit hun gezinsbudget dan het geval is bij meer bemiddelde gezinnen.

En als we het slim aanpakken ondersteunen we dit investeringsbeleid met innovatie op het vlak van energiebesparende bouwmaterialen, met opleiding en vorming en met maatregelen om sociale dumping in de bouwsector tegen te gaan. Zo verhogen we ons exportpotentieel, maken we onze werknemers sterker en zorgen we ervoor dat ze een degelijk inkomen hebben.

Investeren om te besparen levert dus veel meer dividend op dan de uitkering van extra winst aan private aandeelhouders.

 

Deze blogpost verscheen eerder op http://community.dewereldmorgen.be/

Auteur: Pieter Verbeek, adviseur studiedienst Vlaams ABVV